Columns

Over Danny Leclerre

Ik wil graag iets vertellen over Danny Leclerre, een Waalse Belg die ik twintig jaar geleden heb leren kennen. Ik was als commercieel directeur verantwoordelijk voor een verkooporganisatie in de hele Benelux. Voor die tijd werkte de organisatie nog decentraal, gesplitst over de verschillende landen. Danny Leclerre sprak Frans en heel gebrekkig Nederlands. Hij was als salesmanager verantwoordelijk voor heel België. Of dat verstandig was, daarover kon je je twijfel hebben.

Ik leerde Danny kennen en voelde vanaf het begin sympathie voor hem. Hij was absoluut oké. Al wel een stukje ouder, dik in de vijftig, een beetje introvert ook. En de zaken liepen niet bijster goed in België, er was een klein verlies. Ik overtuigde Danny ervan dat hij moest afzien van zijn rol als salesmanager. Hij werd key accountmanager, vooral in Wallonië.

Ik doe al lange tijd aan zen-boeddhisme. Ik heb ook wel in martial arts, in oude vechttechnieken gezeten. Na een jaar of twee kwam ik erachter dat Danny aan aikido deed. Het is een Japanse vechtdiscipline met een sterk filosofische inslag. Een verheven sport die heel veel innerlijke harmonie vereist. Danny Leclerre bleek niet zomaar aan aikido te doen, nee, Danny Leclerre was vijfde of zesde dan. Dus stel je voor: die wat stille, oudere man met wie ik op zichzelf een echt goede relatie had, bleek aan de wereldtop te staan van die buitengewoon nobele vechtsport. Dat kon hij alleen bereikt hebben na jarenlange verdieping.

Ik had het niet gezien in hem. Danny kon iets waarbij ik en al mijn collega’s zelfs niet in de schaduw konden staan. Binnen de organisatie had Danny een bescheiden rol. Toen ik eenmaal wist van zijn uitzonderlijke kwaliteit, kon ik er gebruik van maken. Eens per jaar hadden we een grote vergadering met het hele Benelux team. Ik vroeg Danny een demonstratie van aikido te geven, van zijn verborgen kracht. Supergaaf was het, ook voor hemzelf. Hij schitterde. Hij was er ongelofelijk trots op om zijn collega’s te laten zien waartoe hij in staat was. Het was heel indrukwekkend.

Toen ik na zes jaar wegging, vierde ik dit met een afscheidsborrel in een kroeg. Danny Leclerre kwam ook. Wat had hij bij zich? Hij had zijn Japanse wapenstok meegenomen die hij altijd gebruikte in zijn sport. Het was zijn cadeau aan mij. Het was heel ontroerend.

De enorm wijze les die ik aan mijn relatie met Danny Leclerre heb overgehouden is deze: realiseer je als manager dat de misschien bescheiden plek die medewerkers binnen de functionele hiërarchie van jouw organisatie innemen, meestal niet representatief is voor wat die mensen zijn en voor wat ze te bieden hebben aan talent, aan diepgang, aan innerlijke kracht. Mens zijn is veel meer dan de functie. Daar moet je als leider oog voor hebben, want het biedt kansen om individuen een grotere bijdrage te laten leveren aan het geheel.   

Meer columns